Taal
Op zoek naar de grens tussen klank en taal
Hoe leren we taal? Er valt veel te leren van zangvogels, zo is gebleken. Maar nog nooit zijn baby’s en zangvogels direct met elkaar vergeleken terwijl ze een niet-bestaande taal leren. Taalwetenschappers van de Universiteit Leiden en de Universiteit van Amsterdam gaan het onderzoeken. Ze starten met steun van NWO, een vergelijkend onderzoek naar taalverwerving bij zebravinken en baby’s.
Waar wordt vlees gemaakt?…
Ze tilt nog even haar hoofd op van het kussen: “Mama, waar wordt vlees gemaakt?” “Ehmmm…, wij halen ons vlees in de supermarkt hè?” “Ja, maar ik snap iets niet helemaal: wat gebeurt er met de diertjes?”
“Je bedoelt hoe ze van de wei in de koeling van de supermarkt belanden?” Gelukkig hoef ik deze vraag vooralsnog niet te beantwoorden, want de vragenstelster is al in slaap gevallen.
…en andere lastige situaties
Sinds dochterlief 4 jaar is en naar school gaat, sinds exact twee weken dus, moet ik als moeder extra alert zijn. Op Facebook schreef ik al over mijn eerste bijna-fout-ervaring:
“Gistermiddag, 15.30 uur, we zitten heerlijk aan de koffie thuis, als Deborah (4) opeens zegt: “Mama, de kijkmiddag duurt nog 11 minuutjes.” Kijkmiddag? Wat is dat? (In my defence: ze zit nog maar twee weken op school) Dan ben je dus heel blij dat de school maar 2 minuten rijden is!”
Nu wil ik niet de next social media mom zijn. Maar soms ligt je blogmunitie wel heel erg voor het oprapen. En of ik nu met mijn kinderen of voor mijn klanten communiceer, het blijft spelen en ontdekken met taal: genieten dus!
Schaf politiek correct taalgebruik af
Subsidies, maar ook politiek correct taalgebruik zijn beide een erfenis uit de jaren zeventig van de vorige eeuw. Nu velen zich druk maken om verdwijnende subsidies wil ik een lans breken voor het opheffen van politiek correcte woorden. Er mag best ongelijkheid tot uitdrukking komen door taal. Dat leidt niet noodzakelijkerwijs tot discriminatie. Net zo min als politiek correct taalgebruik leidt tot emancipatie.
Politiek correct
Voor woorden die sporen van discriminatie en ongelijkheid in zich dragen werden in de jaren zeventig passender alternatieven bedacht. Deze nieuwe woorden zijn echter ook weer aan de tijdgeest onderhevig en moeten dus steeds mee blijven veranderen. Overigens betreft politieke correctheid niet alleen het taalgebruik, maar bijvoorbeeld ook historische opvattingen en visies. “Zo mocht bijvoorbeeld niet meer worden gesteld dat Columbus Amerika ontdekte, hij bereikte enkel als eerste Europeaan het land van de Indianen.” (Wikipedia)
Herkent u deze nog?
- Gastarbeider (’70) –> Mohammedaan (’80) –> buitenlander (’90) –> allochtoon (’00) –> Nieuwe Nederlander (’08) –> ??
- Vluchteling –> asielzoeker –> persoon zonder verblijfsvergunning
- Ongelukkig iemand –> gehandicapte –> iemand met beperkingen –> iemand met uitdagingen. Of zoals het in de VS heet: differently-abled people, waarbij je dan mentally challenged kan zijn of physically challenged.
- mankracht –> vrouwkracht/menskracht; wat heeft dit voor zin als er even later door dezelfde taalgebruiker gesproken wordt over een vrouw met haar op haar tanden?
Man en paard noemen
Wie verzint deze woorden eigenlijk? Welk ministerie bemoeit zich hiermee of zou het een gesubsidieerd project zijn? Ik geloof er in ieder geval niet in. Er is nog nooit een schoonmaakster geweest die geëmancipeerd werd doordat ze voortaan interieurverzorgster heette. Ze was het al, of ze is het nooit geworden. Geëmancipeerd. Bovendien kom je als physically challenged persoon echt niet makkelijker met je rolstoel over een drempel dan iemand die gehandicapt is.
Bofkont
Nee, dan liever het zoontje (4) van mijn vriendin. Zonder in het bezit te zijn van voeten springt hij vrolijk mee op zijn knieën met Minidisco – Bofkont:
Klap Klap, stap stap
Wat bof ik toch alles doet het nog
Klap klap, stap stap
Wat bof ik toch alles doet het nog.
Laten we weer normaal doen. Ik blijf in ieder geval gewoon m’n mannetje staan.
Woord van het jaar 2011?
Probeer het maar eens na te doen: een nieuw woord bedenken, waarvan iedereen meteen begrijpt wat het betekent. Nee, ik heb het niet over een gerenommeerd reclamebureau, het is puur natuur. Bron: gewoon onze dochter van 3, Deborah.
Creakreten:
- ‘Hé, waarom snij jij die taart in figuurkantjes?’
- ‘Hadassa (zusje van 1) heeft uitslaaphaar.’
- ‘Ik wil dat uitlegliedje nog een keer horen.’
Vergeven en vergeten
Er zijn weinig dingen waar ik heel boos om word, maar een ervan is: als mijn pianospel op luide toon verstoord wordt. Dat ervaart mijn driejarige dochter die avond als ik stevig naar haar uitval.
Sorry Mendelssohn
Deborah kiest er wijselijk voor om even ‘met de playmobile te gaan spelen’. Enkele minuten later is het: “Mag ik een ijsje?” (even testen of mama nog boos is). Ik antwoord: “Wat denk je zelf?” “Ik denk het niet”, zegt ze realistisch. “Dat klopt”, vervolg ik, “ten eerste omdat het al laat is, je gaat zo naar bed en ten tweede ben ik nog steeds boos.” “Zal ik dan maar eens ‘sorry’ zeggen?” komt ze al met open armpjes op me af. Daar kan natuurlijk geen Chopin of Mendelssohn tegenop.
Een raar spreekwoord
Dan is het bedtijd. Als het hele ritueel is doorlopen en ik het rolgordijn laat zakken, klinkt het opeens uit de halfdonkere kamer: “Mama, ben je nog steeds boos?” “Waarom zou ik boos moeten zijn?” speel ik verbaasd. “Omdat ik door jouw pianospel ging gillen.” “Oh dat, maar je had toch al sorry gezegd? Nou, dan is het vergeven en vergeten.” “Nee hoor”, klink het opeens erg wakker, “ik ben het nog helemaal niet vergeten.” Ik leg uit dat je het niet meer over vervelende dingen hebt, als iemand er spijt van heeft. En dat het een spreekwoord is. “Ik vind het geen spreekwoord, maar een raar woord.”
Vergeet niet te vergeven
Eigenlijk heeft ze wel gelijk. Wanneer is een fout vergeven en vergeten? Dat weet je nooit. Als je er namelijk over nadenkt of ernaar vraagt, is het misschien wel vergeven, maar niet meer vergeten.
‘Nee’ ombuigen tot ‘ja’, hoe doe je dat?
Drogredenen zijn leuke dingen. Argumenten die niet kloppen, daar was ik vroeger als tiener al dol op. Ze bieden immers kans om in plaats van een ‘nee’ alsnog een ‘ja’ te krijgen. Als je ze goed weet te ontzenuwen.
Eisen aan argumenten
Om drogredenen te herkennen en te weerleggen, is het belangrijk om te weten hoe argumenten goed gebruikt worden. Daarom even een stukje theorie uit een praktisch boekje van Antoine Braet, door wie ik gevormd ben aan de Universiteit Leiden.
1. De argumenten op zichzelf moeten kloppen:
- Objectieve argumenten: correct weergegeven, direct controleerbaar, onderzoeksuitslagen of algemeen gedeelde waardeoordelen.
- Subjectieve argumenten:aannemelijke vermoedens, publieksoordelen
2. De stap van argumenten naar standpunt moet kloppen:
- De argumenten moeten voldoende met het standpunt te maken hebben.
- De argumenten moeten voldoende gewicht hebben en opwegen tegen geldige tegenargumenten.
Hoe ziet een drogreden eruit?
Een drogreden is een argument dat niet aan bovenstaande eisen voldoet. Wat zijn de meest voorkomende drogredenen? Ik krijg bijna zin om weer terug te gaan naar het onderwijs
Bekendste voorbeelden van drogredenen:
Er zijn tientallen vormen van drogredenen. Zie Van Dale of Wikipedia. De leukste en bekendste zijn toch wel:
- Ik doe niks met LinkedIn en van Twitter moet ik al helemaal niets hebben. Wij hebben onze klanten altijd via mond-tot-mondreclame gevonden. Beroep op traditie. Onjuiste aanname (premisse) dat iets uit het verleden altijd goed zal blijven werken.
- Je kunt niet bewijzen dat God bestaat, dus God bestaat niet. Het is niet waar, omdat niet bewezen is dat het wel waar is. Fout tegen de logica. Andersom geldt de bewering overigens ook als drogreden.
- De spelling is ‘buro’ en niet ‘bureau’, want ‘buro’ levert de meeste treffers op Google. De meerderheid is voor, dus is het waar. Onjuiste premisse dat de meerderheid altijd gelijk heeft.
Andere bekende voorbeelden zijn de cirkelredenering of de persoonlijke aanval.
Aanraders
- www.drogredenen.nl, waar Ron Ritzen drogredenen bespreekt die hij in de media tegenkomt.
- F.H. van Eemeren: ‘Dat heeft u mij niet horen zeggen. Drogredenen van A tot Z.’
Hoe overtuig je echt?
Betogen doen we allemaal meerdere keren per dag. Die mail waarin je aangeeft waarom je graag wilt samenwerken. Dat telefoongesprek waarin je toelicht wat je allemaal doet voor een bepaalde prijs. Het rondetafelgesprek waarin je een nieuw project met verve verdedigt. Of je de ander kunt overtuigen hangt voor een groot deel af van je argumenten. Maar dat niet alleen…
Voordat je in de ring staat
- Hoe bouw je een sterk betoog op?
- Hoe herken je zwakke punten in het betoog van de ander?
- Wat zijn de basisregels van een fatsoenlijke discussie of debat?
- Welke drogredenen zijn er en hoe herken je die?
Dat is natuurlijk te veel om in één blog te beschrijven. Het lijkt voor-de-hand-liggend, maar toch wil ik beginnen bij de basisopbouw van een betoog. Uiteraard is niet ieder betoog zo volledig en in deze volgorde. Zeker niet als het om een mondeling verhaal gaat. Waarom is het dan toch belangrijk? Ieder van deze fasen heeft eigen kansen en eigen valkuilen.
De basisopbouw van een betoog:
- Inleiding: aanduiding omstreden onderwerp, standpunt-vooraf/stelling, soms aankondiging argumenten.
- Kernalinea 1: eerste argument
- Kernalinea 2: tweede argument, etc.
- Kernalinea n: eerste tegenargument met weerlegging, etc.
- Slot: samenvatting argumenten en/of standpunt-achteraf (conclusie)
Is het een omstreden onderwerp?
Voordat er daadwerkelijk betoogd of gediscussieerd kan worden, moet duidelijk zijn wat de standpunten van beide partijen zijn. Of dat nu gesprekspartners zijn of de schrijver versus zijn lezerspubliek. De felste betogen rusten op een duidelijk standpunt. We herkennen het allemaal als een situatie niet tot een goed betoog leidt: een tekst die je met een zucht aan de kant schuift, een geïnterviewde op tv waarvan je vlug ‘wegzapt’. Dat komt zeker niet altijd doordat er geen goede argumenten gebruikt worden. Nee, soms is het onderwerp gewoon niet controversieel genoeg. Beide partijen verschillen te weinig van mening of, en dat is interessanter, één van beide wil zijn standpunt niet prijsgeven.
Het zakelijk nut van een duidelijk standpunt
Zakelijk gezien, kan er een situatie zijn waarin je je product of dienst gaat aanprijzen, terwijl er bij de andere partij helemaal geen interesse is. Uiteraard kun je dan juist proberen te overtuigen, maar dan zul je dus eerst achter het standpunt van de ander moeten zien te komen. Dat is natuurlijk ook de reden waarom callcenter-medewerkers altijd vragen: ‘Mag ik u ook vragen waarom u geen interesse heeft in dit prachtige aanbod?’ Nu weet je ook meteen hoe je daarop het beste kunt antwoorden. Niet met inhoudelijke tegenargumenten of zelfs door de verbinding te verbreken. Een simpel antwoord volstaat: ‘Dat mag u vragen, maar daar geef ik geen antwoord op. In de supermarkt leg ik ook nooit uit waarom ik voorbij een schap loop.’
Volgende keer meer over argumentatie.
De drie leukste nieuwe woorden in het Nederlands
Het was een tijdlang goed opletten, maar nu heeft Deborah (3) mijn lijstje weer wat uitgebreid. Ze gaat steeds perfecter zinnen produceren. Daar ben ik als moeder uiteraard trots op, maar als taalbeschouwer ben ik blijer met een afwijkend woordgebruik. Alsof ze weet, dat ik haar creatieve taaluitingen bijhoudt…
Creakreten:
- verstiekemd (verstopt: ‘Ik heb dat Cars-autootje even verstiekemd.’)
- versukkeld (verdrietig: ‘Nee, hij huilde niet, maar hij stond wel versukkeld.’)
- letterberen (hoofdletters)
Nu maar hopen dat Hadassa (1) snel gaat praten. Maar ik hoop ook op de input van andere vaders, moeders, leerkrachten of taalwetenschappers!
Tien tips voor een patente ‘prezi’
Het is de tijd van de elevatorpitch. Of het nu komt doordat we liever de lift dan de trap nemen, we willen binnen 1 minuut weten wat de ander ons te vertellen heeft. Duurt het veel langer, dan dwaalt onze aandacht al snel af. Moeten we beter leren luisteren of ligt het aan de spreker?
Ideale lengte
Een spannende presentatie kan met gemak langer duren dan een minuut. We kennen allemaal voorbeelden van sprekers waarnaar we met plezier tien minuten luisteren. Zij beheersen de kunst om een goede inhoud te koppelen aan een overtuigende presentatie, vaak gelardeerd met humor. Er bestaat dus geen ideale lengte voor een presentatie, hoewel de spanningsboog van de meeste mensen slechts 10 minuten bedraagt. Kom je vaak in de kerk of ‘s lands vergaderzalen, dan ben je een geoefende luisteraar.
Kek of gek
Hoewel het gebruikelijk is om eerst de inhoud op orde te brengen, wil ik hier eerst de presentatie van een verhaal onder de loep nemen.
- Gebruik je stem goed, dat wil zeggen met ‘ademsteun’. Dit is een ademhalingstechniek waarbij je je buik uitzet in plaats van dat je je schouders optrekt. Zoals je aan een bloem ruikt. Zie de bewegende afbeelding.
- Kondig aan wat je gaat doen, maar ook niet meer dan dat.
- Laat het publiek de tijd vergeten. Zeg niet steeds dat er veel meer over het onderwerp te zeggen valt, maar dat je daar niet genoeg tijd voor hebt.
- Begin niet met huishoudelijke mededelingen, want dan ben je een deel van je toehoorders al kwijt voordat je aan je daadwerkelijke inleiding begint.
- Wees jezelf, maar laat geen stress merken en wek ook geen slecht voorbereide of al te nonchalante indruk. Zeg niet: ‘Op weg hierheen bedacht ik wat ik eens zou gaan zeggen…’ of: ‘M’n hart bonkt in m’n keel nu ik hier sta.’
- Een PowerPoint is niet verplicht! Het kan zinvol zijn om je verhaal met grafische gegevens te ondersteunen. Maar het moet zeker niet zo zijn dat je de tekst op een scherm toont en deze vervolgens min of meer opleest. Dodelijk saai!
- Benader het publiek op gelijkwaardig niveau, niet overdreven kritisch of juist neerbuigend. Zeg niet: ‘Het ligt voor de hand dat u als zzp’er niet overal verstand van hebt, dus wil ik u vertellen wat social media is.’
- Wees niet overdreven bescheiden en verontschuldig je niet onnodig. Zeg niet: ‘Ik ben voor dit onderwerp gevraagd, hoewel ik mezelf zeker geen expert vind…’ of: ‘Ik weet dat niet zo belangrijk is, maar…’
- Stel het slot van je presentatie niet steeds uit. Zeg niet: ‘Tot slot…’ of ‘De conclusie van dit alles is…’ als er daarna nog een heel verhaal komt.
- Zorg voor een duidelijke, herkenbare afsluiting, maar stop niet abrupt met je verhaal. Eindig absoluut niet met: ‘Dat was het dan’ of ‘Hier wou ik het bij laten.’
Wat vind jij?
Wat vind jij een goede spreker? Wanneer sta jij je te verbijten als toehoorder? Ik ben benieuwd naar reacties en aanvullingen. Het gaat hier overigens om presentaties in ruime zin: cursus, netwerkbijeenkomst, receptie et cetera.
Benieuwd hoe ik mezelf presenteer? Kijk naar mijn bedrijfsvideo. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat je met dit stemgebruik geen grote zaal kunt toespreken. Te weinig ademsteun dus.
Volgende keer meer over hoe je de inhoud van een goede presentatie voorbereidt.








